Uitstel afschaffen VAR

De bedoeling van staatssecretaris Wiebes was om eind oktober de wet waarbij de Verklaring Arbeid Relatie (VAR) werd afgeschaft door de Eerste Kamer te loodsen. Dit is niet gelukt. Oorzaken hiervoor waren onder meer de grote hoeveelheid vragen die in de Eerste Kamer werden gesteld, maar ook de maatschappelijke reacties op de wetgevingen en de eerste resultaten van de gepubliceerde voorbeeldovereenkomsten. Lees het artikel met een bespreking van de eerste overeenkomsten die door de Belastingdienst zijn gepubliceerd.

De staatssecretaris heeft uitstel gevraagd aan de Eerste Kamer voor behandeling van het wetsvoorstel. Er is nog geen nieuwe datum voor behandeling bekend.

Het streven van de staatssecretaris is om eerst tot vijf tot tien door de Belastingdienst opgestelde modelovereenkomsten te komen. Hiernaast werkt de Belastingdienst aan een op de website te publiceren algemene leidraad voor het globaal beoordelen van arbeidsrelaties. Hierbij valt te denken aan een overzicht van bepalingen die wel of juist niet ertoe kunnen bijdragen dat het oordeel «buiten dienstbetrekking» kan worden gegeven. Dit moet een leidraad voor of een hulpmiddel bij de opstelling van overeenkomsten worden voor opdrachtgevers en freelancers.

Nieuwe wet oftewel afschaffen VAR

De nieuwe streefdatum voor de inwerkingtreding van de afschaffing van de VAR wordt 1 april 2016. Overeenkomsten die vóór 1 februari 2016 worden voorgelegd aan de Belastingdienst, zullen vóór 1 april 2016 zijn beoordeeld geeft de staatssecretaris aan.  Als het oordeel is dat met de bewuste overeenkomst buiten dienstbetrekking wordt gewerkt, wordt deze waar mogelijk gepubliceerd.  Verder komt er een implementatietermijn tot 1 januari 2017. Dat houdt in dat alle opdrachtgevers en opdrachtnemers tot 1 januari 2017 de tijd hebben om zo nodig hun werkwijze aan te passen aan een werkwijze die is voorzien in een voorbeeld- of modelovereenkomst. Tot die tijd zal de Belastingdienst wel toezicht houden, maar nog geen repressieve handhavingsmaatregelen nemen. Dit betekent dat de Belastingdienst waar nodig zal waarschuwen en partijen erop zal wijzen op welke punten een aanpassing van hun werkwijze nodig is om buiten dienstbetrekking te werken. Het wetsvoorstel heeft geen terugwerkende kracht, dus tot op het moment van inwerkingtreding van de wet blijft de vrijwarende werking van de VAR voor de opdrachtgever bestaan. Indien na de inwerkingtreding wordt geconstateerd dat er sprake is van een dienstbetrekking, kunnen eventuele handhavingsmaatregelen dus niet zien op een periode waarvoor de opdrachtgever zich nog op de vrijwarende werking van de VAR kan beroepen. Bij partijen die na 1 januari 2017 niet volgens een beoordeelde (voorbeeld)overeenkomst of modelovereenkomst werken, kan worden gehandhaafd als blijkt dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking. Als deze dienstbetrekking in 2016 al bestond, wordt door de vrijwaring alleen de periode vanaf 1 april 2016 in de handhaving betrokken. Evidente fraude blijft de Belastingdienst wel aanpakken.

Leuker kunnen we het niet maken.

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s